Het valse dilemma van de scheiding tussen kerk en staat
Oct 10th, 2007 by Erik
Met de toename van het door religieuze fanatici als militant gekenmerkte atheïsme, duikt het vraagstuk van ‘de scheiding tussen kerk en staat’ steeds vaker op in de politiek, op het internet en op uw lokale discussie-club in het buurthuis. Een vraagstuk dat mijns inziens even zo oppervlakkig is als de denkwijze van mensen die er aan refereren, die hun rechten eraan menen te moeten ontleden of die hun tijd besteden aan het beschrijven van de exacte grenzen waarbinnen de discussie rondom dit vraagstuk zich moet bevinden. Want dat is het echte probleem van dit vraagstuk: Hoe definieer je ‘kerk’ en hoe definieer je ‘staat’? Als u dacht dat ik van plan was deze taak op mij te nemen, dan heeft u het mis. Ik vind, in tegenstelling tot wat velen wellicht zouden verwachten, dit vraagstuk helemaal zo interessant niet. Bovendien acht ik het uitgesloten dat er ook maar iemand is die met een bevredigende definitie van beiden kan komen. En laten we eerlijk zijn. Wat nu ook precies ‘de kerk’ en ‘de staat’ mag betekenen in deze context; het draait feitelijk om een probleem dat dieper ligt dan men kan samenvatten in deze one-liner die ieder tegenwoordig op de lippen schijnt te branden. Het probleem waarvan dit discussiepunt een indicator is, heeft alles te maken met het zuiver houden van de eeuwigdurende discussie rondom de inrichting van ‘de maatschappij’, ‘de politiek’ en ‘het recht’ en het lijkt me aanzienlijk nuttiger ons daarmee bezig te houden. Wat is nu precies die wrijving tussen ‘de kerk’ en ‘de staat’ als het gaat om bovengenoemde punten? Het antwoord is even simpel als doeltreffend: De mens. Het is de mens die vanuit een persoonlijke overtuiging invulling probeert te geven aan alle constructies die gericht zijn op het samenleven in een land. De rechtspraak, de maatschappij en de politiek zijn daar slechts onderdelen van. Belangrijke onderdelen. Onderdelen die direct onder de invloed staan van het bestuurlijke apparaat dat wij ‘de staat’ mogen noemen.
De reden dat er wrijving is op het vlak van ‘de staat’ en ‘de kerk’ is terug te brengen tot het feit dat sommige lieden van mening zijn dat hun persoonlijke overtuiging universele waarheden bevat die van toepassing dienen te zijn op alle mensen. Daartegenover staan de mensen die de overtuiging zijn toegedaan dat een democratie altijd moet streven naar een situatie waarin iedereen de ruimte kan vinden om zijn eigen levensovertuiging zo goed mogelijk te kunnen uitoefenen. Het conflict is direct duidelijk als we beseffen dat deze levensovertuigingen terugkomen in de politieke agenda’s van bovengenoemde personen. Dit is tevens de reden dat er onder de eerste groep mensen het misverstand bestaat dat in een democratie ‘de meerderheid’ over ‘de minderheid’ zou mogen beslissen in de zin dat ze haar overtuiging met goedkeuring van de staat zou mogen opdringen aan ieder die daar anders over denkt. Zelfs sommige ministers zien dit verschil niet (of willen het niet zien). De basale fout die hieraan ten grondslag ligt is dat democratie een democratisch besluit zou zijn. Dat is het niet. Democratie is juist een systeem van besluitvorming. Een ander probleem is dat wanneer het gaat om religie, partijen maar al te graag veinzen dat dit een ‘ideologie is net zoals alle andere’, dat evenveel recht heeft te bestaan. Met alle gevolgen van dien. Wanneer men het immers voor elkaar gekregen heeft de religieuze agenda van een politieke partij gelijk te stellen aan een ideologie zoals de sociaal democratische ideologie van de PvdA, de pragmatiek van D66 of de milieu-bewustheid van Groen Links, dan geldt plots dezelfde rechtvaardiging van deze religieuze ideologie, doch op basis van volstrekt andere aannames! Het twijfelachtige woord van een niet te bewijzen god uit een evenzo twijfelachtig boek heeft middels deze achterdeur dezelfde status gekregen als rationele concepten die ten grondslag liggen aan alle andere niet-religieuze ideologieën! Bij machte van deze oneigenlijk verkregen zeggenschap kan de nietsvermoedende burger semi-religieuze wetgeving tegemoet zien (homohuwelijken, euthanasie, abortus, blasfemie, etc.). Hierin ligt het probleem besloten dat ‘de kerk’ en ‘de staat’ niet langer definieerbaar zijn als duidelijk ingekaderde begrippen en nu heb ik het toch uitgelegd, terwijl ik nog zo besloten had dit niet te doen.
Het constateren van een probleem is één ding, de oplossing is vaak ingewikkelder. Maar niet in dit geval. Ik hou niet van ingewikkelde oplossingen en gelukkig is daar in dit geval ook helemaal geen sprake van. De oplossing bevindt zich in het terugkeren naar het democratisch beginsel. Een beginsel waarin het de taak van de overheid is om te zorgen dat iedereen zo veel mogelijk in staat is, binnen de grenzen van de wet, haar persoonlijke overtuiging uit te voeren in het dagelijks leven. De belangrijkste aanpassing is dat besluiten getoetst zouden moeten worden op ‘democratische uitvoerbaarheid.’ Met andere woorden: “Hoe kunnen we ervoor zorgen dat zoveel mogelijk mensen hun vrijheid behouden binnen het kader van een besluit.” Ik hoor menigeen al morren dat het onmogelijk is iedereen tevreden te stellen en dat is inderdaad ook niet de doelstelling van het democratisch beginsel. Het mag echter nooit zo zijn dat de absolute minderheid in een land bij gratie van een absolute meerderheid in de tweede kamer in staat is haar zin door te drukken zoals nu wel het geval is. Te stellen dat “men daar zelf voor gekozen heeft” is absolute onzin. Niemand kiest louter en alleen op basis van een ‘single-issue’ en er zijn vanwege die redenen vele atheïsten die bijvoorbeeld stemmen op het CDA of de ChristenUnie. Dat geeft ze binnen een democratie echter geen vrijbrief de levensovertuiging van anderen in te perken. Toch gebeurt dit wel. Laat ik terug keren naar de oplossing door het geven van een aantal voorbeelden.
God zij met ons
Al sinds jaar en dag is op de zijkant van onze munt de term “God zij met ons” te vinden. Een bijzonder bedenkelijke en lege term, gezien het aantal mensen dat daadwerkelijk gelooft dat god met ons zou zijn. De meerderheid van de mensen in dit land zijn niet religieus in de zin dat ze geloven in de aangehaalde god. Democratisch gezien geeft het derhalve geen pas dit nog langer op de zijkant van onze euromunten te slaan. De religieuzen missen er ook helemaal niets aan. Ze kunnen nog immer bidden en naar de kerk gaan en worden niet beperkt in het uitvoeren van hun religie indien deze tekst zou verdwijnen. Oplossing: Weg ermee.
Euthanasie
Het is in dit land nog immer strafbaar jezelf van het leven te beroven. Ik weet niet welk licht een succesvolle zelfmoordpoging strafbaar bij de wet heeft gesteld, maar dit terzijde. Ook als een persoon ongeneeslijk ziek is, is het hem niet toegestaan een eind aan het eigen leven te maken. Men mag daarbij zeker niet geholpen worden en tot dit doel is de papierwinkel van een arts die besluit wel mee te werken aan een dergelijk verzoek zo gigantisch groot dat hij het besluit wel honderd keer zal overdenken. Een typisch voorbeeld van christelijk terreur. Immers; zouden we het compleet legaliseren, dan zou de gelovige daar absoluut geen last van ondervinden in het uitoefenen van zijn geloofsovertuiging. Niemand dwingt je je leven te beëindigen, terwijl de mensen die geen religieuze overtuiging bezitten toch de vrijheid hebben hun levensovertuiging toe te passen. Natuurlijk vergt dit toezicht, maar een gedwongen opname in het ziekenhuis en een aantal A4tjes met persoonlijke goedkeuring moet voldoende zijn om misbruik tegen te gaan. Oplossing: Weg met deze regelgeving.
Abortus
Bij het aantreden van het zoveelste christelijk geörienteerde kabinet is er iedere keer weer sprake van een heropening van de abortus-discussie. Deze discussie vindt, ook al wil men anders doen geloven, hoofdzakelijk plaats uit hoofde van de religieuze overtuiging van deze partijen. Mensen die niet religieus zijn hebben niet dezelfde bezwaren tegen abortus als mensen die wel religieus zijn. Ik vind dat men simpelweg met beide partijen rekening kan houden door abortus toe te staan tot een termijn waarin men kan spreken van de foetus als een functionerend mens. Het is aan de wetenschap om te bepalen wat die termijn is. Niet aan de religieuzen, want religie kan geen uitspraken doen over het lijden van een organisme in ontwikkeling. Wat dat betreft is abortus redelijk goed geregeld en hiermee tonen we aan dat het wel degelijk mogelijk is dat de religieuze ideologie niet losgelaten hoeft te worden op iedereen in de samenleving. We zouden echter eens uit democratisch oogpunt moeten stoppen deze discussie iedere keer weer te heropenen. De enige rationele reden om de discussie opnieuw aan te gaan, is als er sprake is van nieuwe wetenschappelijke inzichten waardoor de termijn van abortus open staat voor veranderingen ten behoeve van het ‘ongeboren kind’ óf de vrouw over wiens lichaam we denken te moeten beslissen.
Homohuwelijken
Een homohuwelijk wordt doorgaans niet voor de kerk gesloten. Daar hebben ze over het algemeen niet zo’n zin in. Hoe belachelijk dit ook moge zijn, ik vind het geen probleem. Als je als homo niet mag trouwen voor je eigen kerk, heb je bij die kerk zoveel niet te zoeken als je wellicht dacht. Wat ik wel een probleem vind is dat ambtenaren van de burgerlijke stand het sluiten van een homohuwelijk mogen weigeren. Een homohuwelijk is een huwelijk net als alle andere huwelijken en als je besloten hebt die baan uit te voeren, dan dien je ieder die gebruik wil maken van dit aanbod van de overheid gelijkwaardig te behandelen. Als je daartoe ‘niet in staat bent’ uit persoonlijke afkeur, dan had je een ander beroep moeten kiezen. Ook hier geldt dat gelovigen niet beperkt worden in het uitoefenen van hun geloof als er wel homohuwelijken gesloten worden. Er is dus geen enkele reden om deze uitzondering in stand te blijven houden op basis van het geloof van één persoon, alsmede telkens weer de discussie te openen. Het huwelijk van de één is geen zaak van de ander, ongeacht of er twee mannen, twee vrouwen of een gemengd huwelijk plaatsvindt.
U ziet, het leven is zo moeilijk niet. De kunstmatigheid van de ‘scheiding tussen kerk en staat’ is niet meer dan dat: een kunstmatig probleem dat voornamelijk levend wordt gehouden door religieuzen die hun religie op oneigenlijke gronden tot politieke ideologie hebben weten te promoveren en door niet-religieuzen die dit onderwerp niet als zodanig willen aansnijden om toch vooral niet de indruk te wekken dat er geen ‘respect’ zou zijn voor religie (maar het was toch een ideologie als alle anderen?). Alsof een standaard politieke ideologie evenveel respect afdwingt als een religieuze politieke ideologie. Daar waar er felle debatten gehouden mogen worden over het sociaal democratische erfgoed, waar onze eigen volksmenner mensen krankzinnig mag noemen op basis van hun ideologische overtuiging, daar mag de ideologie van een religieuze partij zich verheugen op het uitblijven van de zo broodnodige kritiek. Ook hier ligt de oorzaak weer deels verborgen in het gecultiveerde respect en de uitzonderingen die gepaard gaan met het uitspreken van de welhaast magische zinsnede “Ja maar, ik geloof dat.” Er is geen probleem met ‘kerk’ en ‘staat’. Er is een probleem met religie dat zich voordoet als ideologie, maar die niet evenzeer bekritiseerd mag worden als een ideologie. Ook hier eet religie weer van twee walletjes, gadegeslagen door politici die zich in bochten wringen dit absurde voorrecht te verdedigen. Want vrijheid van geloof is een heel groot goed. Toch?
Ik kan het hier alleen maar roerend mee eens zijn. Met de rest van je stukjes ook trouwens. Het wordt tijd dat “wij” atheïsten eens wat meer onze mond open deden. Dit weblog is een goed begin!
Door een ex-moslima (Wafa Sultan) wordt de islam een “politieke ideologie die haat verkondigt” genoemd. De islam werd volgens haar niet verspreid, maar opgelegd via landverovering, waardoor de huidige moslims in bijvoorbeeld Iran, nooit hebben kunnen kiezen voor de islam.
Klopt dat wel met ‘het geloof is geen politieke ideologie’?
Interessant interview vandaag in de Pers. Helaas iets te Geertwilders-achtig, maar uit haar mond veel acceptabeler.
Wat dat betreft heeft de islam de naam, maar mogen we best eens naar onze eigen religieuze simpeltjes kijken. Ik heb dat artikel gelezen inderdaad. Deze dame krijgt tenminste WEL bescherming. Zoals het hoort.
Om er even een platitude tegenaan te gooien: “Nog maximaal 50 jaar en de volgende oorlog dient zich aan, maar dit keer tussen religie en anti-religie?”
Over je opmerking aangaande de politieke ideologie: Geloof dat op een dergelijke manier als politiek standpunt wordt gebruikt is natuurlijk ook een politieke ideologie. Echter een ideologie die zich niet zou mogen meten met andere niet-religieuze ideologieën. Een religieuze ideologie kan immers niet aangevallen worden met argumenten. Dat is ook de kern van het probleem.
Eigenlijk merkwaardig dat het tegenwoordig vooral de atheïsten zijn die ijveren voor de scheiding tussen kerk en staat. Hoe zou een protestant het vinden om door de meerderheid gedwongen te worden de autoriteit van de paus te aanvaarden? Of om voortaan sabbat te vieren op zaterdag? Ook gelovigen hebben alle belang bij secularisatie.
Inderdaad. Goed punt. De reden lijkt me evident; Gelovigen menen min of meer dat die scheiding bestaat om de vrijheid van geloof te garanderen. Op dat moment noemen ze atheïsme namelijk niet óók een geloof. Andere gelovigen hebben dan plots alles gemeen met henzelf: Ze geloven ook.
En te bedenken dat al die mensen die geloven en zo VOOR het beschermen van de vrijheid van religie zijn helemaal geen probleem hebben hun kinderen dit recht te ontnemen.
Vrijheid van religie betekent dat je vrij bent om een religie te kiezen.
Dus geen atheïsme, want dat is geen religie.
Mijn ouders zijn grifverkeerd, maar dat betekent niet dat ik geen roomse rakker mocht worden (liever niet natuurlijk), als ik maar een geloof had.
Mijn schoonouders zijn RK. Zij hadden het vreselijk moeilijk met het feit dat hun zoon zich opeens aansloot bij een evangelische gemeente. Dat was geen geloof volgens hen.
Het zou best eens kunnen zijn dat als de huidige generatie van veertigers uitsterft, de rigide uitzondering van religie op de vrijheid van meningsuiting zal verdwijnen.
Ik heb het zelf liever over gewetensvrijheid.