De geboorte van ‘de hemel’. (En een kerstgroet).
Dec 25th, 2009 by Erik
Sinds mijn schoonvader drie jaar geleden veel te vroeg overleed en bijna anderhalf jaar geleden mijn vader op een ‘gezegender’ leeftijd, is bijna ieder georganiseerd samenzijn een gevecht tegen het gemis in plaats van de gezellige ‘happening’ die het vroeger was. Zeker op dagen als deze, die ingericht zijn op het in familieverband vieren van geluk. Een schier onmogelijke zaak, wanneer juist het samenzijn met je familie je confronteert met die lege stoel aan de eettafel of die plek op de bank waar hij altijd zat.
Kerstdagen staan dan niet meer in het teken van familiaire gezelligheid, maar in het teken van herinnering aan de Kerstdagen waarop die stoel nog niet leeg was en het leven, vooral voor mijn moeder, wat minder koud. Ongewild heeft ieder de aandrang om elke zin in het teken van herinnering te stellen. “God, weet je nog, die kerst toen hij…”, mijn vader was een meester in het maken van flauwe grapjes, moet u weten, “Wat hebben we toen gelachen. Typisch pa.”
Zonder dat ik het wil pas ik ook automatisch de andere variant toe: “Stel je voor dat ie ons zo zou zien zitten, dan had hij vast dit of dat gezegd.” En wij zouden in lachen uitbarsten. De zoveelste flauwe grap uit zijn onmetelijk grote arsenaal aan flauwe grappen die eigenlijk alleen maar grappig waren omdat hij ze maakte. Het was niet de grap, zo begreep ik vorige kerstmis, maar zijn zachtmoedige onschuld die de grap zijn lading gaf. Mijn vader was een rustige, vriendelijke en zeer behulpzame man die ik nog nooit kwaad gezien heb en die, zou er een rechtvaardige god bestaan, zeker niet veroordeeld zou worden tot het scheppen van kolen in de hel.
Maar ik ben niet de enige die zo denkt. Mensen richten hun blik altijd naar de hemel, wanneer een gesprek uitkomt op een overleden dierbare. Nooit naar beneden. In mijn gedachten zit mijn vader als vanzelfsprekend op ‘een wolk’ omgeven door veel wit en geluk, als ik zeg: “Stel je voor dat ie ons zou zien zitten”. Maar hoe wit en gelukkig is die hemel wanneer je je vrouw en kinderen vol verdriet van jouw heengaan aan de eettafel ziet zitten? Hoe gelukkig ben je als je vrouw ontroostbaar is en je niets kan en mag doen dan berusten in de wetenschap dat jullie op een ‘mooie dag’ weer herenigd zult worden?
Hoe groot is die zogenaamde beloning nu eigenlijk wanneer je, net als mijn schoonvader, nog een mensenleven lang moet wachten tot je hopelijk je vrouw en misschien zelfs je kinderen te midden van al dat wit en geluk weer terug zult zien? Wanneer stop je met het meevoelen met je nog levende nageslacht? Zijn jij klein-kleinkinderen ook belangrijk genoeg om terug te willen zien in de hemel? Hun kinderen dan misschien?
De ranzige sadist die aanbeden wordt als de bedenker van de hemel en de hel is niet toevallig diegene wiens geboorte vandaag gevierd wordt door de d(r)omme(n) mensen die geloven dat “god de mens zo lief had dat hij zijn eigen zoon…” Een zoon die tevens de brenger was van het ‘goede’ nieuws dat zijn vader en hij de mens zou belonen in een leven na de dood. In het Oude Testament kon je nog gewoon doodgaan en dan was je van alles af, maar sinds jezus weet je dat je mag ‘genieten’ in de hemel als je hem gevolgd hebt. Tenminste, als je het in je eentje wachten en het toezien op verdrietige (kerst)dagen van je geliefde levenden genieten mag noemen.
Ik ben daarom verheugd vrijwel zeker te weten dat er niet zoiets banaals, sadistisch en onmenselijks is na de dood en ik ben blij dat ik het laatste tastbare dat er over was van het lichaam van mijn vader voor het laatst heb gezien toen ik zijn as te midden van ontelbare andere geliefde dierbaren uitstrooide op een grasveld in Driehuis. Vandaag en morgen resten ons alleen de herinneringen nog aan vorige kerstdagen en zijn grapjes die ik zo goed mogelijk zal proberen na te apen. In het besef dat ik niet zachtmoedig en onschuldig genoeg ben om ze echt grappig te laten zijn.
Ik wens iedereen bijzonder fijne kerstdagen toe en vooruitlopend op de jaarwisseling alvast een goed, voorspoedig en gelukkig 2010. Ik hoop dat ik nog veel reacties mag ontvangen en discussies mag voeren met mensen van allerhande overtuigingen en boven alles dank ik iedereen voor het leveren van zijn of haar bijdrage aan onze website.
Tot volgend jaar!
Een verhaal wat ik, al 22 jaar, maar al te goed ken, helaas.
Maar aangezien mijn vader redelijk goed een kachel kon opstoken, had hij zich al voorgenomen om stoker in de hel te worden.
En waarom zou god hem zijn plezier hebben onthouden?
Behalve dan wanneer het de sadist is die hij/zij/het zo vaak “bewijst” te zijn.
Sterkte voor deze zware tijden.
Mooi verhaal, Erik.
En herkenbaar, ook hier. Twaalf jaar geleden alweer vierde ik met mijn schoonfamilie kerst, met moeder op een bed in de huiskamer. Ze heeft nog net een maandje 1998 meegemaakt.
Ik betrap mezelf soms ook op de gedachte dat ze ons misschien nog wel kan zien, bijvoorbeeld bij bijzondere gebeurtenissen.
Toen ik als kind mijn opa verloor, legde ik het probleem aan mijn moeder voor. “Opa moet in de hemel nou misschien wel tachtig jaar wachten voor wij elkaar weer zien…” Maar volgens mijn moeder was ‘tijd’ in de hemel iets heel anders dan hier bij ons. Ik geloof zelfs dat er zoiets ergens in de bijbel staat.
Tsja, daar neem je dan genoegen mee als kind, hè.
Heb het goed, en veel sterkte in deze donkere dagen.
Maak (weer) wat moois van 2010!
Een passende kerstrede. Dank!
Ik wens je draaglijke dagen en een vruchtbaar nieuw jaar.
Tsja, wat moet je hierop zeggen. Aan mijn moeder, die erg gelovig was, heb ik geen herinneringen, haar mis ik wel, maar op een andere manier dan jij beschrijft. Mijn vader mis ik ook, zijn manier van kerst vieren na de dood van mijn moeder en voor zijn tweede huwelijk zullen mij bijblijven als de manier hoe je het gezellig maakt met het hele gezin.
Sterkte voor iedereen die het nodig heeft in deze “gezellige” tijd van het jaar!
Gezellig. Van iemand die ooit wat té persoonlijks poostte.