Religie en angst: ‘A match made in heaven’.
Mar 20th, 2010 by Erik
Angst moet welhaast één van de belangrijkste redenen geweest zijn voor het ontstaan van religie. Zoals u weet werkt onze geest namelijk op wonderlijke wijze: Neem onduidelijkheid en onbekendheid weg en onze angst kiest het hazenpad. Religie heeft echter de fout gemaakt deze angst voor het onbekende te vervangen met angst voor het bekende: Kon men eerst niet slapen van de onbekende toekomst na de dood, zo kon men door religie niet slapen van de nieuw ontstane situatie voor de dood.
Want dat religie uiteindelijk geen antwoord geeft op de angst die de mensheid voelt voor het gegeven dat zij zal sterven, spreekt voor zich wanneer men beseft dat deze doodsangst slechts vervangen is door angst voor de lakmoestest van god of goden. Kon men eerst nog berusten in een onbekende situatie, nu plotseling lag de kwaliteit van het leven na de dood in eigen handen. De angst om te sterven werd verlegd naar de angst om te leven. De angst om ‘goed’ te leven, welteverstaan.
Daarnaast blijken deze ‘antwoorden’ bijzonder acceptabel te zijn in de context van de ons aangeboren vragen “Waarom ben ik hier?” en “Wat is het doel van het leven?” Het antwoord “Om goed te leven zodat je na de dood het paradijs zult krijgen, ” sluit namelijk wonderwel aan bij ons (tevens aangeboren) gevoel van rechtvaardigheid en bijbehorende oorzaak en gevolg. God geeft niet alleen de wet en bepaalt derhalve wat ‘goed’ en ‘slecht’ is, maar beloont of straft je er ook voor na het sterven. Weg angst voor de dood, weg vragen naar het doel van het leven en hallo ultieme rechtvaardigheid.
Maar de relatie tussen vraag en antwoord, angst en religie, gaat veel dieper. Zo las ik vandaag het onderzoek van Dan Dennett en Linda LaScola over niet-gelovige predikanten, en ik was verbaasd over het aantal deelnemers aan dit onderzoek dat in haar verklaringen verwees naar de angst om uit het geloof te stappen. Want in tegenstelling tot wat je zou verwachten is het niet de angst voor god, of zelfs maar de angst voor het nemen van een verkeerde beslissing die deze mensen tegenhoudt zichzelf atheïst te noemen en ander werk te gaan zoeken. Het is de angst voor het wegvallen van zekerheid die ze weerhoudt.
Het geloof voorziet namelijk in een oplossing voor een veel belangrijker soort angst dan angst voor de dood en onrechtvaardigheid: De angst om ‘er alleen voor te staan’. Je eigen boontjes doppen, zogezegd. Wanneer je een religie belijdt, dan doe je dit in een gemeenschap. Deze gemeenschap helpt elkaar onder het mom allen ‘kinderen van dezelfde god’ te zijn. Zoals één deelnemer (Adam) treffend zei:
I will say one strong aspect of any religion, I’d guess, that I’ve been in is the community life. You have great friends who are close; you can depend on them. When there’s hard times, financially, emotionally, whatever, you’ve got a support group.
Angst is niet alleen een groot onderdeel van het ontstaan van religie, maar het is daarnaast ook een groot onderdeel van het vasthouden van de individuen die zich er aan overgeven. Religie veronderstelt een antwoord te geven op angst, maar door het introduceren van nieuwe onzekerheden, teert zij er tevens op. Vermakelijk genoeg betreft het hier geen hoogdravende levensvragen, maar simpele aardse noden. De ironie van dit alles is natuurlijk dat deze behoefte tot groepsgevoel dezelfde oorsprong moet hebben als onze behoefte tot het stellen van ‘levensvragen’.
Waar echter van de laatste categorie gesteld kan worden dat ze wellicht aardig klinken, maar geenszins correct zijn, kan men zich bij de eerste daar niet zo eenvoudig vanaf maken. De levensvragen zijn simpelweg onjuiste vragen. Er is geen absoluut of opgelegd doel van het leven en de vraag “waarom ben ik hier?” kent geen antwoord dat wij als afdoende zouden beschouwen wegens een gebrek aan enig antropocentrische verklaring. De angst om alleen te zijn of er alleen voor te staan lijkt echter overwegend een gegeven te zijn. Mensen hebben behoefte aan het leven in groepen.
Twijfel aan het eigen geloof is daarom niet alleen een zaak tussen gelovige en god. Het is een situatie die bedreigend is voor het groepsgevoel. Leden van dezelfde groep zal het derhalve onder deze groepsdruk niet alleen niet makkelijk vallen om zich hierover uit te spreken, maar tevens praktisch onmogelijk voelen om het groepslidmaatschap op te zeggen en zich te begeven in een ander leven. Van je geloof vallen is gelijk een wedergeboorte. Je moet op zoek naar nieuwe ouders, nieuwe vrienden en soms zelfs een nieuwe baan. Je moet een nieuw anker vinden in het leven en het belangrijkste is dat je een nieuwe plaats moet vinden in een nieuwe groep. Een groep die het groepsgevoel op geen enkele wijze zo hoog in het vaandel heeft staan als de groep die je hebt verlaten.
In deze optiek bekeken is het daarom niet opmerkelijk dat atheïsten tot de absolute minderheid der wereldbevolking behoren. ‘Ons’ groepsgevoel ontbreekt niet, maar is minder duidelijk afgebakend. Een atheïst heeft niet noodzakelijkerwijs iets te zeggen over dit gevoel. Het kan hem volledig ontbreken, zoals bij mij het geval is, maar het kan ook zijn dat hij daar wel een gemis in voelt. Doorgaans is voor een atheïst, bij gratie van het feit dat religie geen onderwerp voor hem is, het mens-zijn een eigenschap die van belang is. Atheïsten zijn vrijwel zonder uitzondering humanisten. Het is niet de religieuze identiteit die de groep vormt, maar de identiteit van de leden zelf.
Toch moet dit aanvoelen als een pleister op de wonde voor de gelovige die zijn geloof verlaten heeft en zich probeert te zetten tot het verlaten van de groep. Een daad die al bewerkstelligd wordt door zich simpelweg publiekelijk uit te spreken over het eerste, waarbij men daardoor terecht kan wijzen op de hypocrisie van dit groepsgevoel; het gaat immers niet om de waarde van de individuen, maar om de waarde van de groep. Het is niet de gelovige die belangrijk is, zoals men doet voorkomen, maar het geloof en bijbehorende zekerheid. Wie er voor je klaarstaat is irrelevant, als er maar iemand klaarstaat.
Zo speelt angst niet alleen een rol in het ontstaan van religie, maar ook – op vele vlakken tegelijkertijd – in het in stand houden ervan. En het schijnt mij toe dat atheïsten daar – zonder net zo te liegen als de gelovige – geen oplossing voor kunnen bieden behalve het verkondigen van de harde werkelijkheid: Je levensvragen zijn absolute non-vragen, er is geen absolute rechtvaardigheid, je groepsgevoel is hypocriet en draait niet om jou maar om je inschikkelijkheid en het in stand houden van geloof en boven alles: Angst is een slechte raadgever.
Er is geen god. Durf zelf te denken en geniet van het leven!
De mens is door het besef van oorzaak en gevolg gekomen tot waar we nu zijn.. het geeft ons een dak boven het hoofd, brood op de plank en een auto voor de deur.
Ik veronderstel dat het gevaar ligt in het feit dat als we een gevolg tegenkomen zonder direct aanwijsbare oorzaak wij mensen sterk de neiging hebben er een oorzaak voor te verzinnen.. en zolang het tegendeel niet kan worden verklaard is kan elke roeptoeter de waarheid claimen.
Gelovigen zijn meestal bang om iets niet te weten.
Atheisten zijn daar meestal trots op.
Maar daar mag u natuurlijk anders over denken.
Als blijkt dat vrienden je laten vallen als jij het geloof ontvalt, wat voor vrienden zijn dat dan. Dit moet toch eigenlijk alleen maar een stimulans zijn om uit deze schijnheilige wereld te stappen.
Echter zie ik ineens Andre Rouvoet voor mij, zo’n gezicht zulke denkbeelden en dan denk ik ja. Als ik zo was en in een geloofsgemeenschap zou zitten. Dan zou ik die vrienden inderdaad niet kwijt willen raken want nieuwe vind ik nooit.
een van de meest effectieve marketingsprincipes:
if you want to sell a product, create a scare.
Wil iemand zo vriendelijk zijn foolbar te ondertitelen?
@4:
Waarop heb je dan ondertiteling nodig? Ik vind het vrij duidelijk…
Erik,
Ik ben het niet helemaal eens met je column. Ik heb het onderzoek zelf ook gelezen en deze pastoors zijn in eerste instantie niet bang voor zichzelf om als atheïst naar buiten te komen, maar hebben angst voor wat de gevolgen zullen zijn voor hun directe omgeving, te weten hun echtgenoten en kinderen.
Daarnaast hebben ze allen geen andere beroepsmogelijkheden om op terug te vallen. Zelfs al zouden ze zelf als atheïst naar buiten willen komen, dan kunnen ze zich dit niet veroorloven. Het zou hun gezin veroordelen tot de bedelstaf! Liever zelf een hypocriet dan mijn kinderen zonder toekomst en in mijn ogen hebben ze gelijk. Het is de meest pragmatische oplossing.
En in vele delen van Amerika, zal dat voor deze pastoors betekenen dat ze ook zullen moeten verhuizen naar een ander deel van het land, omdat ze door hun gemeenschap uitgekostst zullen worden en het praktisch onmogelijk gemaakt wordt om op een normale manier te leven. Dan is het zeer gemakkelijk om hier vanuit Nederland te praten over een wedergeboorte. De praktijk voor deze personen is meer dan ingrijpend, zeker als ze financieel, en in enkele gevallen zelfs voor hun woning, afhankelijk zijn van de kerk.
Deze stelling is nogal kort door de bocht. Dit mag misschien waar zijn in West-Europa en Noord-Amerika, maar ik betwijfel of het waar is in China en Rusland. Ik zou dit graag wetenschappelijk onderbouwd willen zien.
Ik ben het ook absoluut niet eens met deze stellingen. Uit niets blijkt dat hun groepsgevoel zelf hypocriet is. De basis van het groepsgevoel en de eisen die ze aan de individuen stellen om onderdeel van de groep uit te mogen maken, mogen dan hypocriet zijn, maar wanneer aan die eisen voldaan wordt is het groepsgevoel an sich zeer oprecht. Als jouw stelling waar zo zijn, dan moet je ook argumenteren dat het groepsgevoel van Ajax supporters hypocriet is. Of het groepsgevoel van atheïsten als die ergens samen komen.
En dan heb ik nog wat andere puntjes waar ik vind dat je erg kort door de bocht gaat. Maar om dat uit te spitten moet ik te veel typen voor deze zondag. Er zijn nog andere dingen te doen, zoals buiten genieten van het weer en zo.
Nee, naar mijn bescheiden mening is dit niet een van je beste schrijfsels.
Arjen
Ik zie eigenlijk helemaal niet waar ik afwijk van jouw lezing wat betreft familie, baan en gemeenschap. Ik heb het namelijk exact zo gelezen als jij. Dat zijn allemaal onderdelen van het groepsgevoel dat ik beschrijf.
Zie: http://www.human.nl/index.php?pg=page&pageid=13
Ik vind het redelijk veilig om te stellen wat ik stelde.
Dat is goochelen met woorden. Het groepsgevoel is hypocriet omdat men doet voorkomen alsof het om de mens gaat. Maar zodra die mens afscheid neemt van het geloof, dan moet die mens vluchten. Hypocrieter dan dat kan niet. Het zou, dat zou ik met je eens zijn, niet hypocriet zijn wanneer dergelijke groepen louter om het geloof draaien, en niet om de individuele mens. Maar dat is expliciet niet het geval.
Groepsgevoel bestaat juist bij de gratie van de gedeelde normen, waarden en ideeën van de groep. Vervang “het geloof” in jouw stukje door “Ajax” en het klopt nog steeds. Het enige verschil is dat de gevolgen van buiten de groep geplaatst worden vele malen ingrijpender zijn. Ook bij Ajax supporters is het groepsgevoel heel hecht, zo lang je maar van mening bent dat Ajax de beste voetbal club in de wereld is. Zolang je die mening hebt, dan is er weinig aan de hand. Blijk je plotseling Feyenoord toch beter te vinden, dan moet je een goed stel benen hebben om de groep te ontvluchten.
De hypocrisie zit dan ook niet in het groepsgevoel, het zit in de individuen waar de groep uit bestaat. Het niet accepteren dat mensen met een andere set normen, waarden en ideeën uit mogen maken van de groep en ze actief het aanwezig zijn in die groep, dan wel leefomgeving, onmogelijk maken. Als het groepsgevoel van gelovigen hypocriet is, dan is het groepsgevoel van welke willekeurige groep ook hypocriet. Want net zo min als een atheïst openlijk deel kan uitmaken van een groep radicale moslims, zo zal een openlijk radicale moslim binnen een groep van atheïsten vrij snel buiten gesloten worden. In beide gevallen wegens dezelfde reden, het niet aanhangen van de gedeelde set basis ideeën. De hypocrisie zit hem in de mate van mogelijkheden die de groep geeft aan buitenstaanders en apostaten om een normaal leven te lijden buiten de groep.
Individuen en groepen individuen kunnen daarom wel hypocriet zijn. Het groepsgevoel dat zij samen hebben niet.
@ Erik
Je hebt fruit en je hebt appels.
Appels zijn fruit.
Dus al het fruit zijn appels.
Dit is een logische fout waar je volgens mij zelf zeer bekend mee bent, maar toch maak jij wel deze fout bij humanisten en atheïsten. Ja, zo goed als alle humanisten zijn atheïsten, maar daaruit volgt nog niet dat alle atheïsten humanisten zijn. Het kunnen bijvoorbeeld ook communisten zijn.
Dit ben ik helemaal met je eens. Maar je vergeet dat het christendom de groep voornamelijk motiveert met het ‘individu’. Het is niet alleen de aanbidding van dezelfde god, maar het evangelische ‘ieder mens is belangrijk’. Daar gaat de vergelijking mis en dat is wat ik aanstip als hypocrisie.
Ik zei dan ook: ‘Atheïsten zijn vrijwel zonder uitzondering humanisten’. Je zult mij niet horen beweren dat ze het allemaal zijn. Ik stel slechts dat je zonder god vrijwel geen andere opties meer hebt. Je redenatie over appels en peren gaat wat dat betreft bijzonder op voor je eigen afsluiter. Dat iemand communist is heeft niets te maken met zijn religieuze overtuiging. Appels en peren
Er is er in elk geval eentje niet angstig voor god. Hij moet tenslotte ook verantwoording afleggen aan iemand nietwaar? Dan maar aan een 12-jarig Frans meisje.
@11: hartbrekend.
Ik wou die link net plaatsen. Zielig en dapper tegelijkertijd.
Godver. Sp!ts’ humor is nu
een beetjemisplaatst.Sjeezus… “het duivelse kind”, “de kleine satan”…
Die verslaggever heeft er echt NIKS van begrepen.